Wil je succesvol netwerken dan moet je een paar dingen op orde hebben. Allereerst wat je over jezelf kwijt wil en wat je focus is voor het gesprek. Wat minstens net zo belangrijk is, is dat je boodschap vanuit je hart komt. Dan maak je echt contact. Het gaat om jezelf goed presenteren. Weten hoe je dit doet? Lees dan snel verder.

De ontvanger
Afgelopen donderdag was ik een van de master-networkers op de Werkestafette voor 50+ zonder werk. Collega Tessa Faber deelde daar haar visie: ‘Als je pitcht denk dan aan een pitcher in een honkbalwedstrijd, die gooit de bal naar de catcher op een manier die aankomt. Dus pas je pitch elke keer aan aan de ontvanger.’ Een prachtig beeld, vond ik.

Jezelf goed presenteren: een boodschap vanuit je hart
Hoe doe je dat? Wanneer kan de ontvanger je bericht opvangen? Als je opening de catcher raakt en als de ontvanger het gevoel krijgt dat jouw boodschap uit je hart komt. Wat helpt als jouw start onderdeel uitmaakt van de context van dat moment: een grapje, iets wat je ziet of wat de gesprekspartner zegt en jij weer op reageert. Je kunt natuurlijk zorgen dat je iets hebt voorbereid. Een opmerking die past bij wat je met de persoon in kwestie wilt bespreken. Dat is natuurlijk goed, maar probeer het eerst uit. Zeker als het een veilige situatie is.

Twee minuten om jezelf goed te presenteren
De echte inhoud duurt maximaal 2 minuten. Waarom maximaal twee minuten? Bij de start van een gesprek zijn mensen het best geconcentreerd. Dus dat moment moet je gebruiken om je gesprekspartner aan het denken te zetten over jou en over je vraag. Je snapt dat als jij een warrige, ongerichte start maakt je gesprekspartner de lead neemt en het gesprek invult zoals hem/haar past.

Vier zinnen die jou karakteriseren
Jezelf goed presenteren in twee minuten. Waar moeten die 2 minuten over gaan? Over jou en over wat je wilt weten. Waar je informatie en informatie en advies over wilt hebben. Zorg dat je in je basispitch drie, vier zinnen hebt die jou karakteriseren als persoon en in werk. Die omschrijving pas je elke keer aan (denk aan de catcher), aan de persoon tegenover je. Wat weet die persoon al van jou? Wat wil je kwijt aan die persoon over jezelf? Maar ook: waarmee zet je jezelf goed neer ten opzichte van de netwerkvraag die je hebt?

Een voorbeeld uit de praktijk
Stel je de volgende situatie voor. Je hebt via via een introductie gekregen bij een grote woningcorporatie met bedrijfsgebouwen. Je werkt zelf bij een kleine woningbouwvereniging. Je wilt meer weten over hoe zij de functie van bedrijfsmakelaar invullen. En je wilt een gevoel krijgen bij de cultuur van zo’n grote organisatie. Dit is de kern van jouw focus voor het gesprek.

Zo bouw je je pitch op
Je hebt via jouw contactpersoon naam, e-mailadres en telefoonnummer gekregen. Je kiest voor de strategie eerst mailen en dan bellen. In je bericht leg je uit van wie je zijn naam gekregen hebt, waarom je hem wilt spreken en dat je de vrijheid neemt om deze week te bellen om te horen of hij bereid is tot een netwerkgesprek. Gelukkig vindt de persoon in kwestie het een leuk verzoek en jullie maken een afspraak. Dan het echte gesprek, waarin je met je pitch de catcher probeert te raken. Laat het een introductie zijn die komt uit hart en hoofd.

Een vraag geeft sturing
Dan eindig je met een mooie vraag om jouw netwerkcontact aan het praten te krijgen. Bijvoorbeeld met: ‘Van X heb ik begrepen dat jij een heel succesvolle bedrijfsmakelaar bent die met veel plezier zijn werk doet. Kun jij eens wat meer vertellen over je vak en wat het leuk en moeilijk maakt?’

De passie komt vanuit het hart
Waarom met passie? Passie is de smeerolie in het gesprek. De ene mens kan dat beter dan de ander. Maar realiseer je, als je echt geïnteresseerd bent in je onderwerp, dan kunnen mensen dat zien. Al is het maar dat je ogen twinkelen of dat je er zoveel over weet en er heel goed in bent. Dus zorg dat het vuur brandt, dan wordt je gesprekspartner ook enthousiast.